Mijn leraar, Jonny, is gek op spelletjes. Elke les komt hij wel met een nieuw semi-educatief spel aan. Vandaag hadden we The Balloon Game: we speelden dat we met zijn allen in een luchtballon zaten, die elk moment neer kon storten als er niet wat mensen uitgegooid zouden worden. Iedereen speelde een historisch persoon. Vervolgens moesten we uitleggen waarom wij het verdienden in de luchtballon te blijven. Heel educatief verantwoord.
Toch bleek het nog best lastig te zijn om een goed, bekend historisch personage te kiezen:
Doenja: "I'm John Lennon!"
Malin: "I'm Walt Disney!"
Fernanda: "I'm Jesus!"
Ik: "I'm Charles Darwin!"
Malin: "Who's that?!"
HALLIEHALLO!
En welkom op mijn weblog.
Hier spui ik al zo'n anderhalf jaar mijn belevenissen, piekerijen, gedachtenspinsels en slecht onderbouwde meningen. Niets bijzonders dus, want de halve wereld doet dat tegenwoordig.
Voel je vrij om wat rond te kijken of een berichtje achter te laten.
Hier spui ik al zo'n anderhalf jaar mijn belevenissen, piekerijen, gedachtenspinsels en slecht onderbouwde meningen. Niets bijzonders dus, want de halve wereld doet dat tegenwoordig.
Voel je vrij om wat rond te kijken of een berichtje achter te laten.
donderdag 30 oktober 2008
dinsdag 28 oktober 2008
No More Roommates, Please
Zaterdagavond. "Die is voor jou!" zegt Paloma, als terugkomt van een middagje shoppen. Ze overhandigt me een tasje dat een fietsbel blijkt te bevatten. Niet zomaar een fietsbel, nee, een uitzonderlijk hippe, zwart met een glow in the dark kikkerskeletje. Speciaal uitgezocht voor bij mijn redelijk nieuwe, hippe fiets. Wat lief is mijn roommate-je toch. Ze krijgt een dikke knuffel.
Maar blijkbaar was dat toch niet het eind van het verhaal. Nog geen minuut later staat ze voor me, met haar lieve gezichtje en grote, bruine hertenogen: ze heeft een room change formulier in haar handen. Wat?! denk ik. Het is toch echt zo: ze gaat onze kamer, het luxieuze B7, inruilen inruilen voor het veel luxieuzere R12. En mij voor een stel veel coolere mensen, kan ik niet nalaten te denken.
Zondagochtend. Paloma is haar spullen aan het pakken. Ik lig vanuit mijn bed chagrijnig en onbehulpzaam toe te kijken. Terwijl ze haar kleding in haar koffer propt, word ik steeds geirriteerder. Die slet van de overkant die mijn kamergenootje, mijn Paloma, afpakt! *grumpgrump* En ik word afgekocht met een fietsbel. "Dan kom ik gewoon elke avond langs om je gezelschap te houden..." Ik hoor 'r het nog zeggen. Nou, als je mijn gezelschap zo makkelijk inruilt voor een eigen douche en een prive koelkast, dan hoeft het van mij ook niet meer.
Zondagmiddag. "Ik zou maar niet jaloers zijn." zegt Henriette. "Tis een rotzooi in die kamer en alles stinkt naar eten, vanwege die koelkast." Ik heb me ook al weer een beetje over mijn teleurstelling heengezet. Wie weet heb ik nu wel een kamer voor mezelf tot Kerst! Wat een rust, ruimte en luxe! Eindelijk kan ik naar bed en opstaan wanneer ik wil, rotzooi maken als ik daar zin in heb, het hele bureau voor mezelf opeisen en ook de hele kledingkast. Ik besluit dit heugelijke feit te vieren door mijn beddengoed te gaan wassen en daarbij alles door de hele kamer te gooien.
Maar als ik zo halverwege de dag een keer mijn kamer binnenloop, spat mijn glorieuze droom van privacy aan stukken. Er staat een piepklein meisje, omringd door koffers - en mijn beddengoed. Ze kijkt nerveus om zich heen.
Ik weet niet wat ik het eerst moet doen: de rotzooi opruimen of me voorstellen. Dus doe ik het beiden door elkaar, zodat ze er niks van snapt en me nog banger dan eerst aankijkt. Ik weet zelf ook niet zo goed wat ik hier mee aanmoet, dus maak ik me maar weer snel uit de voeten. Ik had toch een afspraak.
Als ik een uurtje later terugkom, vind ik het volgende briefje op mijn tafel:
Hey,
Sorry, but I change my room but I'm delighted to meet you.
See you later!
Sorry for my English!
Blijkt dat ze vanwege een ziekte aan haar benen niet in het bovenste bed kan slapen. Ach, ze zou toch maar tien dagen blijven. We hadden van bed kunnen ruilen, maar gezien ze nu al vertrokken is, laat ik het er maar bij zitten.
En dus heb ik weer een kamer voor mezelf. Maar elke keer als ik nu mijn deur opendoe ben ik weer bang dat er ineens iemand is. Ik vind het niet erg om een kamer te delen, maar ik wil wel graag weten waar ik aan toe ben. En op dit moment ben ik toe aan wat privacy. No more roommates, please.
Maar blijkbaar was dat toch niet het eind van het verhaal. Nog geen minuut later staat ze voor me, met haar lieve gezichtje en grote, bruine hertenogen: ze heeft een room change formulier in haar handen. Wat?! denk ik. Het is toch echt zo: ze gaat onze kamer, het luxieuze B7, inruilen inruilen voor het veel luxieuzere R12. En mij voor een stel veel coolere mensen, kan ik niet nalaten te denken.
Zondagochtend. Paloma is haar spullen aan het pakken. Ik lig vanuit mijn bed chagrijnig en onbehulpzaam toe te kijken. Terwijl ze haar kleding in haar koffer propt, word ik steeds geirriteerder. Die slet van de overkant die mijn kamergenootje, mijn Paloma, afpakt! *grumpgrump* En ik word afgekocht met een fietsbel. "Dan kom ik gewoon elke avond langs om je gezelschap te houden..." Ik hoor 'r het nog zeggen. Nou, als je mijn gezelschap zo makkelijk inruilt voor een eigen douche en een prive koelkast, dan hoeft het van mij ook niet meer.
Zondagmiddag. "Ik zou maar niet jaloers zijn." zegt Henriette. "Tis een rotzooi in die kamer en alles stinkt naar eten, vanwege die koelkast." Ik heb me ook al weer een beetje over mijn teleurstelling heengezet. Wie weet heb ik nu wel een kamer voor mezelf tot Kerst! Wat een rust, ruimte en luxe! Eindelijk kan ik naar bed en opstaan wanneer ik wil, rotzooi maken als ik daar zin in heb, het hele bureau voor mezelf opeisen en ook de hele kledingkast. Ik besluit dit heugelijke feit te vieren door mijn beddengoed te gaan wassen en daarbij alles door de hele kamer te gooien.
Maar als ik zo halverwege de dag een keer mijn kamer binnenloop, spat mijn glorieuze droom van privacy aan stukken. Er staat een piepklein meisje, omringd door koffers - en mijn beddengoed. Ze kijkt nerveus om zich heen.
Ik weet niet wat ik het eerst moet doen: de rotzooi opruimen of me voorstellen. Dus doe ik het beiden door elkaar, zodat ze er niks van snapt en me nog banger dan eerst aankijkt. Ik weet zelf ook niet zo goed wat ik hier mee aanmoet, dus maak ik me maar weer snel uit de voeten. Ik had toch een afspraak.
Als ik een uurtje later terugkom, vind ik het volgende briefje op mijn tafel:
Hey,
Sorry, but I change my room but I'm delighted to meet you.
See you later!
Sorry for my English!
Blijkt dat ze vanwege een ziekte aan haar benen niet in het bovenste bed kan slapen. Ach, ze zou toch maar tien dagen blijven. We hadden van bed kunnen ruilen, maar gezien ze nu al vertrokken is, laat ik het er maar bij zitten.
En dus heb ik weer een kamer voor mezelf. Maar elke keer als ik nu mijn deur opendoe ben ik weer bang dat er ineens iemand is. Ik vind het niet erg om een kamer te delen, maar ik wil wel graag weten waar ik aan toe ben. En op dit moment ben ik toe aan wat privacy. No more roommates, please.
dinsdag 21 oktober 2008
The Art of Pronunciation
Leraar: "Just say it: wrap."
Koreaan: "Laugh"Leraar: "No, not laugh, wrap! Again."
Koreaan: "Laugh"Leraar: "Wrap"
Koreaan: "Laugh"Leraar: "Wrap. Wait.. Say: Wrrr.."
Koreaan: "Wrrr.."Leraar: "Very good! Now say: p."
Koreaan: "P."Leraar: "Perfect! Now put it toghether: wrap!"
Koreaan: "Laugh..."
maandag 20 oktober 2008
Het Aanvullen der Voorraden
Deze week heb ik mijn eerste bezoek uit Nederland, namelijk mijn moeder en mijn broertje. Een weekje komen ze genieten van de schoonheid van Oxford, het geweldige weer, de overheerlijke Engelse keuken en het goedkope leven hier. En natuurlijk ook van mijn onovertroffen gezelschap, dat ze al ruim drie weken hebben moeten missen. Mooi, eindelijk krijg ik weer mama-knuffels en mag ik Daan weer rond commanderen. Dat had ik gemist.
Een prettige bijkomstigheid was dat ze mijn voorraden even konden aanvullen: extra winterkleding, mijn eigen vertrouwde tandpasta en natuurlijk wat oer-Nederlandse producten die ik echt niet kan missen. "Help Eva de winter door", zoiets. Om te zorgen dat ik precies kreeg wat ik hebben wilde, had ik een prachtig lijstje opgesteld: tot in detail had ik beschreven welke t-shirts, schoenen en handdoeken mee moesten. Vervolgens de hele waslijst opgestuurd. En dan maar hopen snel beschikking te hebben over al die spullen die ik zelf niet mee kon nemen gezien het limiet van twintig kilo bagage bij mijn vliegreisje.
"Ja," zei mijn moeder niet veel later, "ik heb je spullen alvast ingepakt. Het is 19,5 kilo in totaal."
Ik viel bijna van mijn stoel van schrik: "Nee, dat kan echt niet! Haal er maar het een en ander uit. Eigenlijk heb ik al die kleren ook helemaal niet nodig!" Want, dacht ik, hoe krijg ik dat ooit weer mee naar huis later..? Dan heb ik in totaal veertig kilo bagage. Dat gaat een fortuin kosten.
"Nee, nu heb ik het al ingepakt hoor. Je doet het er maar mee!" was de reactie.
Mijn angst was niet geheel ongegrond: toen ik mijn familie op ging pikken van het busstation, bleek dat ze een klein tasje hadden met eigen kleding, "En dat is allemaal van jou!" met een gebaar naar een gigantische reistas. Slik.
Maar toen had ik de inhoud van die tas nog niet gezien: een klein hoopje kleding en wat handdoeken, en verder twee kilo pepernoten, een kilo drop, anderhalve kilo appels, een pak speculaasbrokken, een verzameling theezakjes, een halve bibliotheek en een flinke hoeveelheid toiletspullen. Kijk, daar weet ik nou wel weg mee!
Een prettige bijkomstigheid was dat ze mijn voorraden even konden aanvullen: extra winterkleding, mijn eigen vertrouwde tandpasta en natuurlijk wat oer-Nederlandse producten die ik echt niet kan missen. "Help Eva de winter door", zoiets. Om te zorgen dat ik precies kreeg wat ik hebben wilde, had ik een prachtig lijstje opgesteld: tot in detail had ik beschreven welke t-shirts, schoenen en handdoeken mee moesten. Vervolgens de hele waslijst opgestuurd. En dan maar hopen snel beschikking te hebben over al die spullen die ik zelf niet mee kon nemen gezien het limiet van twintig kilo bagage bij mijn vliegreisje.
"Ja," zei mijn moeder niet veel later, "ik heb je spullen alvast ingepakt. Het is 19,5 kilo in totaal."
Ik viel bijna van mijn stoel van schrik: "Nee, dat kan echt niet! Haal er maar het een en ander uit. Eigenlijk heb ik al die kleren ook helemaal niet nodig!" Want, dacht ik, hoe krijg ik dat ooit weer mee naar huis later..? Dan heb ik in totaal veertig kilo bagage. Dat gaat een fortuin kosten.
"Nee, nu heb ik het al ingepakt hoor. Je doet het er maar mee!" was de reactie.
Mijn angst was niet geheel ongegrond: toen ik mijn familie op ging pikken van het busstation, bleek dat ze een klein tasje hadden met eigen kleding, "En dat is allemaal van jou!" met een gebaar naar een gigantische reistas. Slik.
Maar toen had ik de inhoud van die tas nog niet gezien: een klein hoopje kleding en wat handdoeken, en verder twee kilo pepernoten, een kilo drop, anderhalve kilo appels, een pak speculaasbrokken, een verzameling theezakjes, een halve bibliotheek en een flinke hoeveelheid toiletspullen. Kijk, daar weet ik nou wel weg mee!
vrijdag 17 oktober 2008
English Food: Lang Leve de Cereals
De Engelse keuken staat over het algemeen bekend als slecht, dat weet iedereen. Nu heb ik het twijfelachtige genoegen niet blootgesteld te worden aan echt Engels eten, maar aan het zogenaamde 'EF Food'. Dat bestaat niet compleet uit 'bacon & eggs' of 'fish & chips', maar uit veel andere dubieuze dingen...
Iets wat we hier krijgen wat wel typisch Engels is - of misschien wel tweedehands Amerikaans, ik wil niet eens weten wie deze naarheid bedacht heeft - zijn de Cereals. Engelsen lijken een obsessie te hebben met Cereals. In de supermarkt worden vele kubieke meters stellingruimte erdoor ingenomen. De hoeveelheid verschillende soorten is gigantisch en allemaal prijzen ze zichzelf aan als het lekkerst, gezondst, verantwoordst, en blablabla. Ook van de televisie zijn ze niet weg te denken: ik ken inmiddels wel drie verschillende commercials met dozen Cereals die hardloopwedstrijden houden met elkaar. En dat terwijl elk weldenkend mens weet dat die dingen helemaal niet gezond zijn. Ze bevatten alleen maar suiker, suiker en nog een suiker. But who cares?
Omdat ik mij toch maar eens moest gaan inleven in de Engelse (eet)cultuur, heb ik een klein vergelijkendwarenonderzoekje gedaan naar de Cereals die we bij EF voorgezet krijgen. Het heeft me een aantal deprimerende ontbijtjes opgeleverd, maar je moet er toch iets voor over hebben. Zie hier mijn vernietegend oordeel:
Cocopops: snoep, gewoon snoep. Wel lekker, maar ik vermoed dat het je op lange termijn fataal kan worden. Als je dan toch chocola wil, ga dan gewoon voor de Cadbury's
Crunchy Nuts: meer snoep, maar dan met nare stukjes pinda. Iedereen weet natuurlijk dat pinda, melk en honing een topcombinatie is.
Frosties: valt ook binnen de categorie snoep. Je ziet de hele suikerkorrels zitten.
Kellogg's Original: de goede oude cornflakes, die het nu massaal afleggen tegen de commerciele troep. Inmiddels verdwenen uit het EF assortiment.
Kellogg's Special K: ik meen me te herinneren dat dit goed was voor de lijn, maar het bevat percentueel bijna net zoveel suiker als de rest. Daarom hebben ze maar gewoon tien gram minder in elk portiepakje gestopt.
Weetabix: als je je dag slecht wil beginnen, begin dan hiermee. De verpakking mag dan wel beweren dat het supergezond is, maar sommige dingen wil je jezelf gewoon niet aandoen.
Bran Flakes: wat mij betreft nog het beste. Het proeft als iets normaals en zolang je niet naar het tabelletje met voedingswaarden kijkt, kun je zelfs geloven dat je gezond bezig bent.
Om kort te gaan: it's not my cup of tea, really. Ik zou bijna terug gaan verlangen naar die eeuwige muesli van thuis.
Iets wat we hier krijgen wat wel typisch Engels is - of misschien wel tweedehands Amerikaans, ik wil niet eens weten wie deze naarheid bedacht heeft - zijn de Cereals. Engelsen lijken een obsessie te hebben met Cereals. In de supermarkt worden vele kubieke meters stellingruimte erdoor ingenomen. De hoeveelheid verschillende soorten is gigantisch en allemaal prijzen ze zichzelf aan als het lekkerst, gezondst, verantwoordst, en blablabla. Ook van de televisie zijn ze niet weg te denken: ik ken inmiddels wel drie verschillende commercials met dozen Cereals die hardloopwedstrijden houden met elkaar. En dat terwijl elk weldenkend mens weet dat die dingen helemaal niet gezond zijn. Ze bevatten alleen maar suiker, suiker en nog een suiker. But who cares?
Omdat ik mij toch maar eens moest gaan inleven in de Engelse (eet)cultuur, heb ik een klein vergelijkendwarenonderzoekje gedaan naar de Cereals die we bij EF voorgezet krijgen. Het heeft me een aantal deprimerende ontbijtjes opgeleverd, maar je moet er toch iets voor over hebben. Zie hier mijn vernietegend oordeel:
Cocopops: snoep, gewoon snoep. Wel lekker, maar ik vermoed dat het je op lange termijn fataal kan worden. Als je dan toch chocola wil, ga dan gewoon voor de Cadbury's
Crunchy Nuts: meer snoep, maar dan met nare stukjes pinda. Iedereen weet natuurlijk dat pinda, melk en honing een topcombinatie is.
Frosties: valt ook binnen de categorie snoep. Je ziet de hele suikerkorrels zitten.
Kellogg's Original: de goede oude cornflakes, die het nu massaal afleggen tegen de commerciele troep. Inmiddels verdwenen uit het EF assortiment.
Kellogg's Special K: ik meen me te herinneren dat dit goed was voor de lijn, maar het bevat percentueel bijna net zoveel suiker als de rest. Daarom hebben ze maar gewoon tien gram minder in elk portiepakje gestopt.
Weetabix: als je je dag slecht wil beginnen, begin dan hiermee. De verpakking mag dan wel beweren dat het supergezond is, maar sommige dingen wil je jezelf gewoon niet aandoen.
Bran Flakes: wat mij betreft nog het beste. Het proeft als iets normaals en zolang je niet naar het tabelletje met voedingswaarden kijkt, kun je zelfs geloven dat je gezond bezig bent.
Om kort te gaan: it's not my cup of tea, really. Ik zou bijna terug gaan verlangen naar die eeuwige muesli van thuis.
gepost in
Ik zie... Ik zie...,
The Oxford Adventure
donderdag 9 oktober 2008
Wasdag (Deel 2)
En, zoals dat altijd gaat, brak de Dag des Onheils ooit aan. Woensdag was ontkomen niet meer mogelijk: wassen, nu of nooit. En dus stonden Matthijs, Pieter Bas en ik rond een uur of half drie in de 'laundry', zakken met vuile broeken, shirts, sokken en ondergoed op onze rug, wasmiddel in de hand.
"Waarom heb jij zo weinig?" zegt Matthijs verbaasd. Zijn blik gaat van zijn eigen waszak naar de mijne.
"Ik... eh... ben heel zuinig geweest," reageer ik voorzichtig. Hopelijk wek ik nu niet de indruk dat ik bijzonder onhygiënisch ben. "En," voeg ik er, ietwat triomfantelijk, aan toe, "mijn ondergoed is veel kleiner dan dat van jou."
Die uitleg lijkt te voldoen. Er zijn immers belangrijkere dingen op dit moment. "Zwart, is dat kleur?" vraagt Pieter. Ja, eigenlijk weten we geen van allen precies hoe dit werkt. Een shirt met lichtblauwe strepen, kan je dat veilig wassen samen met een roze boxershort? En hoe zit het met gifgroene handdoeken en nieuwe spijkerbroeken?
"Ik... eh... ben heel zuinig geweest," reageer ik voorzichtig. Hopelijk wek ik nu niet de indruk dat ik bijzonder onhygiënisch ben. "En," voeg ik er, ietwat triomfantelijk, aan toe, "mijn ondergoed is veel kleiner dan dat van jou."
Die uitleg lijkt te voldoen. Er zijn immers belangrijkere dingen op dit moment. "Zwart, is dat kleur?" vraagt Pieter. Ja, eigenlijk weten we geen van allen precies hoe dit werkt. Een shirt met lichtblauwe strepen, kan je dat veilig wassen samen met een roze boxershort? En hoe zit het met gifgroene handdoeken en nieuwe spijkerbroeken?
Uiteindelijk besluiten we alles maar gewoon in twee wasmachines te duwen en niet te veel na te denken. Maar we hebben het nog niet besloten of het volgende probleem dient zich aan: het wasprogramma. Bright colours of Colours? Woolen, knitwear, permanent press? Wat?!
Als de was dan uiteindelijk opgestart is - "Twee pond voor een half uur, wat een afzetters!" - besluiten we uit voorzorg maar een vinger aan de pols te houden. Boekje erbij en wachten tot het leed geleden is.Ongeveer een half uur en vele angstige momenten later kan het deurtje van de magic box dan uiteindelijk weer open. De jongens besluiten hun kleding ook nog in de droger te duwen, maar ik durf dat niet aan: ik kan het me niet veroorloven een spijkerbroek te laten krimpen, met al dat Engelse eten. Terwijl zij hun sokken bij elkaar graaien probeer ik mijn spullen er tussenuit te vissen en maak ik me uit de voeten naar mijn kamer.
Mijn roommate droogt haar spullen ook altijd over de verwarming, dus ik kan dat ook, redeneer ik. Helaas heb ik toch wat meer nattigheid mee dan ik dacht en al snel is de hele kamer veranderd in een drooghok. Als alles hangt, inclusief een paar eenzame en een paar onbekende sokken, kan de verwarming op zes. Lang leve de sauna.
Niet veel later staat Matthijs voor de deur. In zijn hand houdt hij een klein zwart stukje stof. "Is deze van jou?" vraagt hij, zijn hoofd een beetje schuin.
Met een gloeiend gezicht gris ik mijn string uit zijn hand. "Dankje..."
Met een gloeiend gezicht gris ik mijn string uit zijn hand. "Dankje..."
Cheers to another awkward moment.
dinsdag 7 oktober 2008
Wasdag
Ik kan de conclusie een week voor me uitschuiven, twee weken, een maand misschien als ik echt mijn best zou doen. Maar eens moet het kwartje toch vallen: in mijn enorme Eastpack reistas zit niet genoeg kleding voor negen maanden. Ik kan nog zo mijn best doen om de boel netjes en schoon te houden, maar er zijn dingen die de basisregels van hygiëne niet toestaan. En negen maanden niet wassen is er een van.
Het feit alleen al dat ik dit overwogen heb, geeft misschien het idee dat er iets grondig mis is gegaan tijdens mijn opvoeding. Dat loopt wel los vermoed ik. Sterker nog, ik ben *ahum* uitstekend op de hoogte van alle ins en outs van het wassen van kleding. Ik ben me er met name heel goed van bewust wat er allemaal mis kan gaan: licht-roze sokken, gekrompen shirts, verwassen truien... En dan moet ik mijn geliefde kleding over gaan leveren aan een wildvreemde wasmachine en - erger nog- een droger?
Gelukkig ben ik niet de enige hier die moeite heeft met dit idee. Vandaar dat ik nu probeer met mensen was-genootschappen te organiseren: "Zullen we gezellig samen de was gaan doen en dan elkaars handje vasthouden? Want ik durf het niet alleen." "Morgen?" "Oke, dan."
Maar als morgen eenmaal is aangebroken is er altijd wel een excuus. "Zullen we het dan maar maandag doen?" "Ja, prima."
En op maandag: "Sorry, ik heb vandaag geen tijd. En morgen ook niet. Woensdag dan maar?" "Beter, dan kan deze broek er ook bij.
En zo schuiven wij de was vrolijk voor ons uit. Misschien zal ik eindelijk eens uit mijn ontkenningsfase ontwaken tegen de tijd dat ik niks meer heb om aan te trekken. Het wasmiddel - zelf gekocht - grijnst mij al onheilspellend toe van bovenop mijn kledingkast.
To be continued.
Het feit alleen al dat ik dit overwogen heb, geeft misschien het idee dat er iets grondig mis is gegaan tijdens mijn opvoeding. Dat loopt wel los vermoed ik. Sterker nog, ik ben *ahum* uitstekend op de hoogte van alle ins en outs van het wassen van kleding. Ik ben me er met name heel goed van bewust wat er allemaal mis kan gaan: licht-roze sokken, gekrompen shirts, verwassen truien... En dan moet ik mijn geliefde kleding over gaan leveren aan een wildvreemde wasmachine en - erger nog- een droger?
Gelukkig ben ik niet de enige hier die moeite heeft met dit idee. Vandaar dat ik nu probeer met mensen was-genootschappen te organiseren: "Zullen we gezellig samen de was gaan doen en dan elkaars handje vasthouden? Want ik durf het niet alleen." "Morgen?" "Oke, dan."
Maar als morgen eenmaal is aangebroken is er altijd wel een excuus. "Zullen we het dan maar maandag doen?" "Ja, prima."
En op maandag: "Sorry, ik heb vandaag geen tijd. En morgen ook niet. Woensdag dan maar?" "Beter, dan kan deze broek er ook bij.
En zo schuiven wij de was vrolijk voor ons uit. Misschien zal ik eindelijk eens uit mijn ontkenningsfase ontwaken tegen de tijd dat ik niks meer heb om aan te trekken. Het wasmiddel - zelf gekocht - grijnst mij al onheilspellend toe van bovenop mijn kledingkast.
To be continued.
zondag 5 oktober 2008
Foto Tour
Inmiddels woon ik al weer een ruim week in Oxford. Het begint wat te wennen allemaal. Mijn kamer, de gebouwen en openbare ruimtes op het schoolterrein, de douche, mijn bed. Het is het kleine laagje vertrouwdheid wat na een tijdje neerdaalt op alle plekken waar ik regelmatig kom. Het verdoezelt de details en maakt van de dingen een geheel. Het zegt: “Dit ken ik, zo hoort het.” Een prettig gevoel.
Omdat andere mensen het misschien ook wel leuk vinden om iets te zien van die dingen waar ik dagelijks met mijn neus bovenop zit, dacht ik dat het misschien leuk zou zijn wat foto’s te showen. Omdat de pagina wat traag zou gaan laden als ik alle foto’s gewoon hier neer zou zetten, maak ik gebruik van links. (Helaas Luuk, je zal het moeten doen met de enorme hoeveelheid roze.) Het verhaaltje is misschien een beetje hetzelfde als het vorige, maar het gaat uiteindelijk ook om de foto’s, moet je maar denken.
Het schoolterrein van EF ligt aan een hobbelig zijstraatje van een vrij grote weg. Als je over het parkeerterreintje bent gelopen en langs de tafeltennistafel, kom je bij de poort. Daarachter ligt een grasveldje met bomen, waaraan eekhoorns groeien. Eromheen liggen het schoolgebouw, het activiteitengebouw en de residentiegebouwen. Het activiteitengebouw heeft, zoals ik al zei, ook een fitnessruimte, maar die is nog niet open. De lounge gelukkig wel. Daar genieten we met volle teugen van, met name vanwege de pooltafel. Er moet alleen nog een oplossing gevonden voor de grote hoeveelheden Spanjaarden (te luidruchtig) en Aziaten (te goed in poolen). Verder hebben we nog het cafetaria, waar we ons eten krijgen (ontbijt en diner, wisselende kwaliteit).
Er zijn in totaal drie residentiegebouwen. Het mijne heet Blackwell. Ik heb een kamer op de begane grond. Mijn roommate heet Paloma, ze komt uit Spanje, is 21 en erg lief. Foto volgt. Haar laptop is minder lief, maar ik denk dat we het ding binnenkort toch wel uit het raam zullen gooien. Afgezien van voornoemde kamergenoot, gevat het hok ook nog een wastafel, een kledingkast, een kast met laden waarin ik onder andere mijn etensvoorraad bewaar - ik ben zelf ook net een eekhoorn soms - en een tafeltje waaraan ik mijn huiswerk maak. Oh, en ik zou bijna het bed vergeten. Het onderste is van mij. Als ik me omdraai kraakt het alsof… Nee, ik ga me niet aan een vergelijking wagen hier.
Tot zover deze foto-rondleiding. Mogelijk volgt er later meer.
Omdat andere mensen het misschien ook wel leuk vinden om iets te zien van die dingen waar ik dagelijks met mijn neus bovenop zit, dacht ik dat het misschien leuk zou zijn wat foto’s te showen. Omdat de pagina wat traag zou gaan laden als ik alle foto’s gewoon hier neer zou zetten, maak ik gebruik van links. (Helaas Luuk, je zal het moeten doen met de enorme hoeveelheid roze.) Het verhaaltje is misschien een beetje hetzelfde als het vorige, maar het gaat uiteindelijk ook om de foto’s, moet je maar denken.
Het schoolterrein van EF ligt aan een hobbelig zijstraatje van een vrij grote weg. Als je over het parkeerterreintje bent gelopen en langs de tafeltennistafel, kom je bij de poort. Daarachter ligt een grasveldje met bomen, waaraan eekhoorns groeien. Eromheen liggen het schoolgebouw, het activiteitengebouw en de residentiegebouwen. Het activiteitengebouw heeft, zoals ik al zei, ook een fitnessruimte, maar die is nog niet open. De lounge gelukkig wel. Daar genieten we met volle teugen van, met name vanwege de pooltafel. Er moet alleen nog een oplossing gevonden voor de grote hoeveelheden Spanjaarden (te luidruchtig) en Aziaten (te goed in poolen). Verder hebben we nog het cafetaria, waar we ons eten krijgen (ontbijt en diner, wisselende kwaliteit).
Er zijn in totaal drie residentiegebouwen. Het mijne heet Blackwell. Ik heb een kamer op de begane grond. Mijn roommate heet Paloma, ze komt uit Spanje, is 21 en erg lief. Foto volgt. Haar laptop is minder lief, maar ik denk dat we het ding binnenkort toch wel uit het raam zullen gooien. Afgezien van voornoemde kamergenoot, gevat het hok ook nog een wastafel, een kledingkast, een kast met laden waarin ik onder andere mijn etensvoorraad bewaar - ik ben zelf ook net een eekhoorn soms - en een tafeltje waaraan ik mijn huiswerk maak. Oh, en ik zou bijna het bed vergeten. Het onderste is van mij. Als ik me omdraai kraakt het alsof… Nee, ik ga me niet aan een vergelijking wagen hier.
Tot zover deze foto-rondleiding. Mogelijk volgt er later meer.
Abonneren op:
Reacties (Atom)